Spa- Francorchamps , het verborgen pareltje
Midden in de weelderige bossen, schilderachtig landschappen ligt het Waalse dorpje het circuit van Spa-Francorchamps. Het legendarische circuit trekt al decennia lang autosportliefhebbers van over de hele wereld aan. De lay-out en de lange geschiedenis van het circuit is een magneet voor al wie autosport een warm hart toedraagt. Maar de regio heeft meer te bieden dan 7 km asfalt met grindstroken en hekken. In de begindagen was de baan veel langer en ging het dwars door de dorpjes. Eind jaren 70 kwam daar verandering in en werd er niet meer geracet op het oude tracé. Dat is na al die jaren nog goed bewaard gebleven en kan je nog altijd bezoeken. Gerlache tipt de mooiste plekjes die je niet mag missen.
Een beetje geschiedenis
De geschiedenis van het circuit in onlosmakelijk verbonden met de van het kuuroord Spa dat vanaf de 18de eeuw internationale bekendheid genoot van zijn thermale baden en druk werd bezocht door rijke mensen. Toen zij weg bleven, zocht hij een nieuwe eyecatcher. In 1920 vatte hij het plan op een autorace te organiseren tussen Spa, Malmedy en Stavelot. In 1924 vond zo de eerste editie van de 24 Uren van Francorchamps plaats, nog altijd een grote publiekstrekker. De eerste Grote Prijs van België was in 1925 over een afstand van 800 kilometer
Bij de start van het wereldkampioenschap Formule 1 was Spa er van bij het begin bij. Midden jaren 70 groeide de kritiek op de lamentabele veiligheidsvoorzieningen op en rond het circuit. Hierdoor verdween hij van de kalender. In 1983 keerde hij terug maar het oude tracé niet. In de jaren die volgde, investeerde de eigenaars in veiligheid met aanpassingen aan de lay-out. Spa is en blijft nog altijd een gevaarlijk baan. In 2023 overleed Dilano van t’Hoff nog na een crash op de Raidillon.
Een rit op het oude tracé
Het circuit bestond uit openbare wegen, was veertien kilometer lang en de gemiddelde snelheid lag ver boven de 250 kilometer per uur. Absoluut angstaanjagend. De coureurs van die tijd zich ook maar al te goed bewust van de gevaren die op de loer lagen. De legendarische bochten zoals Bernville, de Master King, en Stavelot horen tot de meest uitdagende en gevaarlijke secties van het circuit. Elke coureur die het aandurfde om deze bochten met volle snelheid te nemen, werd geconfronteerd met het risico van leven en dood. Het circuit eiste zijn tol. Coureurs lieten het leven op deze gevaarlijke wegen. Maar ondanks de gevaren en de constante dreiging van ongelukken, bleven ze terugkomen, gedreven door een ontembare passie voor snelheid en competitie. Voor hen was racen zoveel leuker wanneer het gevaarlijk was. Namen zoals Sterling Moss, Graham Hill, Jim Clark en Jackie Stewart zullen voor altijd verbonden blijven met de geschiedenis van dit iconische circuit.
We zijn bij Les Combes. Nu is het een chicane, maar toen was het een snelle bocht. Via deze bocht gaan we richting Malmedy. Het asfalt van toen ligt nog altijd op deze plek (zie foto) . Na Les Combes gaat het weer heuvelafwaarts, het begin van een razendsnelle en spectaculaire afdaling.
De beroemdste bocht van oud Spa-Francorchamps was de S-bocht bij Masta. In het Engels staat dit gedeelte bekend als de Masta Kink. Maar eigenlijk zijn het twee knikken. Zelfs na de introductie van de Raidillon in 1939 bleef dit de meest gevreesde bocht. Als alternatief voor de razendsnelle S-bocht was er ook nog een chicane. Deze was aangelegd in 1975 in een poging het circuit veiliger te maken. Na een test bleek deze te gevaarlijk te zijn en is nooit gebruikt tijdens races.
De kerbstones van de chicane liggen er tot op de dag van vandaag nog steeds. En weer vol gas over de rechte lijn van Holowell. De snelle knik van Holowell. Rechts begint de oude verkante bocht bij Stavelot. Net als de Raidillon is deze bocht later (1947) aan het parcours toegevoegd om het nog sneller te maken. De eerste van de reeks snelle knikken van La Carriére, op de terugweg naar Start/Finish.
Een persoonlijk drama
Tijdens mijn tocht kwam ik het huis van Cecile Devilee en Cesar Dutil. Het bejaard koppel kocht in 1960 hun huisje langs het oude tracé. Het geluid van ronkende motoren en van raceauto’s die langs hun huis schoten, was de hele tijd aanwezig in hun dagelijks leven. Op de ochtenden van raceweekenden werden ze gewekt door het geluid van motoren. Terwijl ze uit het raam keken, zagen ze de straten langzaam veranderen van rustige straten naar bruisende en levendige omgeving vol opgewonden fans en teamleden die zich voorbereidden op de dag die voor hen lag.
e herrineren nog goed de race van 1960. “Het was echt slecht weer. Het regende al dagen na elkaar. We dachten dat de race niet zou doorgaan. Het was levensgevaarlijk”, vertelt Cecile. De race kende een dodelijke afloop. De Brit Chris Bistow overleefde de wedstrijd niet. Hij kwam met zijn bolide in het prikkeldraad terecht en werd onthoofd. “Wij zaten binnnen de wedstrijd te volgen via de radio. Op een bepaald moment hoorden we een geluid. Ik ging onmiddellijk naar buiten. Het was een vershrikkelijk beeld. Ik kan het niet beschrijven. Ongelukken gebeurden wel vaker, maar we zullen nooit vergeten wat er die dag gebeurde”, duidt Cesar. Het was een gitzwart weekend voor de autosport. Twee doden en drie zwaargewonden. “Het heeft de regio jaren geduurd om dat ongeluk te verwerken”, sluit Cecile af.
De regio Spa is echt de moeite om eens te bezoeken. Voor de autosportliefhebber, maar ook voor mensen die niks met autosport hebben. Je kan de geschiedenis ontdekken op jouw eigen tempo en ondertussen genieten van de mooie natuur. Tenminste als het droog is.
